De Federatie

De eerste selectiewedstrijden

Het Kampioenschap van 'Gooi- en Eemland' in de categorie 'alle maten' was erg belangrijk. Het was erop of eronder, want hier was de enige kans om je te plaatsen voor het Kampioenschap van Nederland. Dat kon individueel, maar je had meer zekerheid als je dat deed met het korpskampioenschap. Won je dat, dan mocht je er ook naartoe! In die jaren zeventig zat ik in korps met de bijnaam het 'Gouden Vijfje'. Zo noemden ze ons korps, omdat we jarenlang in Utrecht alle titels wegsleepten. Dat duurde tot het begin van de jaren ’80 toen eindelijk het befaamde “slopersteam” ons definitief velde. In 1977 waren wij als korps 1 van HSV De Goudkarper onaantastbaar.

Op 13 augustus 1977 visten we twee wedstrijden van anderhalf uur. Elke korpsdeelnemer viste in een ander vak en dat probeerde hij natuurlijk te winnen. Hij kreeg dan één punt enz. Het korps met de minste klassementspunten ging door. De uitslag van de eerste drie korpsen was als volgt:

Goudkarper 1  1e Wed  2e Wed  Punten 
Evert Aalten  1  1  2 
Cees Beemer 
Rob Breedveld 
Rob Heens 
Koos Maton 
Totaal  17 


Goudkarper 3  1e Wed.  2e Wed.  Punten 
Huib Heumen 
Arie de Iseger 
Joop v.d.Kamp 
Willem Nouris  10 
Dirk Prijs 
Totaal  15  17  32 


Goudkarper 2  1e Wed.  2e Wed.  Punten 
Gert de Brey  10 
Gert Jacobs 
v Oostrum   12 
Coen v.Rooyen 
Pa van Rooyen 
Totaal  22  14  36 


Nederlands Kampioenschappen 1977

Het Kampioenschap van Nederland was op 10 september 1977. Aan deze wedstrijd deden 367 vissers mee en 47 korpsen. Precies als bij de Federatie werden er twee wedstrijden gehouden van anderhalf uur. Het water was het kanaal Wessem-Nederweert. Ook hier ging het weer om de meeste centimeters! De uitslag van de 30 eerste individuele vissers was als volgt:



Deelnemer  Vereniging  I  II  Totaal 
1. G.Deelen   Eindhoven   490   548   1038  
2. A.Janssen   Sittard   635   344   979  
3. C.v.Nielen   Valkenswaard   285   634   919  
4. J.Verdonk   Dordrecht   406   394   800  
5. L. Nieuwenhuis   Zutphen   446   331   777  
6. N.Pels   Culemborg   273   451   724  
7. C.Kroonen   Dordrecht   203   520   723  
8. L.Hanssen   Sittard   330   392   722  
9. A.v.Lent   Tilburg   354   345   699  
10. A.Hylkema   Sittard   193   474   667  
11. W.Wernaart   Eindhoven   199   440   639  
12. W.Verdonschot   Elsloo   248   389   637  
13. L.Dassen   Sittard   393   214   607  
14. W.Jeurninck   Weert   269   333   602  
15. W.Dortmans   Schijndel   324   241   565  
16. M.Schmits  Schinnen   298   264   562  
17. E.Aalten   Utrecht   204   358   562  
18. H.Levels   Tegelen   243   316   559  
19. H.J.de Ruiter   Culemborg   228   331   559  
20. G.v.Werde   Eindhoven   264   277   541  
21. B.v.Gerwen   Hank   294   244   538  
22. K.v.Velzen   St.M.Gestel   150   380   530  
23. J.Beenen   Rossum   166   354   520  
24. H.Heumen   Utrecht   298   209   507  
25. W.Pelgrim   Zutphen   306   197   503  
26. J.Kuypers   Reuver   235   264   499  
27. H.Hamers   Sittard   327   163   490  
28. D.v.d.Schaft   Aalsmeer   197   293   490  
29. G.van Malsen   Kerkdriel   293   193   486  
30. C.Roest   Tilburg   213   268   481  


Fried Deelen

Fried Deelen werd in 1977 kampioen van Nederland.

In “Hengelsport” zei hij:


“Ik ben natuurlijk geweldig blij met mijn titel. Voor het eerst ben ik Nederlands kampioen “alle maten”, na acht jaar wedstrijdvissen. Mijn resultaat mocht er, gezien veel andere uitslagen, wel zijn: 64 stuks, 30 tijdens de eerste wedstrijd, 34 op de tweede stek. Tien meter en 38 cm totaal, 63 blankvoorns en één pos. Het kanaal Wessem-Nederweert waar het kampioenschap werd gehouden is een prima viswater. Jammer alleen dat er soms zware schepen met zware lading voorbij komen. In de eerste drie kwartier ving ik 28 vissen. Tijdens de resterende 45 minuten van het eerste gedeelte maar zes.

Allemaal het gevolg van de vrij grote deining die door een schip werd veroorzaakt. Het aas dat ik gebruikte bestond hoofdzakelijk uit duivenmest. Verder leem om de ballen gewicht te geven, muggenlarven uiteraard en beschuitmeel. Geen geheime snufjes, reukstoffen of dat soort zaken. Vroeger heb ik wel reukmiddelen toegevoegd, maar omdat ik daar nooit het nut van heb kunnen ontdekken – de vangsten werden er niet beter door – ben ik daarvan afgestapt.”



Rob Heens

Rob Heens en onttroond kampioen van 1976:

In 'Hengelsport' zei mijn medekorpslid


“Fried Deelen wil ik hierbij van harte feliciteren met het behaalde kampioenschap alle maten. Hij is een uitzonderlijke goede visser, die de laatste jaren altijd hoge ogen heeft gegooid. De titel komt hem zonder meer toe, al heeft hij wel twee goede stekken gehad. Maar dat doet niets af aan het resultaat. Volgend jaar probeer ik het weer. Dit keer was het voor mij waardeloos. Niet alleen bij mij trouwens, maar ook bij veel andere wedstrijdvissers. Collega’s die vaak echt wel klasse in huis hebben. Het vangen tijdens het kampioenschap was plaatselijk zeer verschillend.

Twee dagen voor het kampioenschap was ons korps daar nog gaan oefenen. Onder dezelfde weersomstandigheden als zaterdag: in begin zonnig, later meer bewolkt maar wel droog. Het ging redelijk. In een uur ving ik 37 vissen. Onze korpsleden wisselden van plaats; we visten uiteraard ook op stekken die in het wedstrijdparcours lagen. Lopende bandwerk soms, slag over slag noemen we dat. Ondanks dat het over het geheel bekeken toch niet geweldig ging, was het toch heel wat beter dan tijdens het kampioenschap. Twee keer 5 vissen werd het zaterdag, niet meer!

In mijn omgeving waren elf vissen geloof ik het hoogste aantal. Toen wist ik het wel. Geen titel dit jaar. Na tien minuten voelde je al dat het fout zat. Na drie kwartier kreeg ik pas mijn eerste beet. Dan weet je dat je voor een hoge klassering bent uitgeschakeld. In de buurt van een brug, waar vaak wordt gevist en dus aas aan de vis wordt aangeboden, was de situatie beter. Omdat de vis daar constant blijft rondzwemmen, werd er redelijk gevangen. Maar de tussenvakken? Waardeloos. Neem nou nummer 4 in het eerste vak. Normaal geef ik bij wijze van spreken 500 gulden voor zo’n stek. Maar daar werd, dacht ik, totaal zo’n drie meter vis gevangen, dan weet je het wel…

Na het eerste gedeelte wissel je en verkas je naar de tweede stek die je hebt geloot. Omdat het ’s morgens zo tegenviel, had ik uiteraard mijn hoop gevestigd op het tweede deel. Ik dacht: als ik er nog 25 vang, plaats ik me misschien nog bij de eerste dertig voor de naselectie. Vergeet het maar. Wéér vijf vissen! Eigenlijk heb ik het voor mijn korps verpest. Drie van onze leden eindigden bij de eerste vijftig, Evert Aalten werd zeventiende!

Wij hadden een gezamenlijk aas: gemalen hennep, een klein beetje duivenmest en veel muggenlarven. Mijn aas is het niet, maar daar heeft het beslist niet aan gelegen. Op veel plekken heeft gewoon geen vis gezeten. Niettemin alle hulde voor Fried Deelen. Hij behoort volgens mij tot de tien beste wedstrijdvissers van Nederland en heeft de titel zonder meer verdiend.”




Wedstrijdvissen
De naselectie 1977