|
|
|
Het Zwarte Monster |
|
|
Zeldzaam |
|
|
|
|
|
|
|
|
Deze karper is echt gitzwart!
|
|
|
|
|
|
Het jaar 1997 zag en fotografeerde ik een uiterst zeldzame karper. Peter Snel, een vismaat, ving een karper die zo zwart was als de nacht. Gedurende de vijftien jaren dat ik op karper vis, heb ik vele, vele karpers gezien. In levenden lijve zag ik er duizenden. Natuurlijk niet alleen van mijzelf, maar ook van vrienden en van kennissen. Verder zag talloze foto's van karpers in diverse magazines, zowel nationaal als internationaal. En toch kwam ik nooit zo'n merkwaardig exemplaar tegen als deze ene karper. Voor de eerste keer toon ik hier de foto's van een unieke vis. In dit artikel wil ik niet alleen die vis maar ook de visser zelf, Peter, in het zonnetje plaatsen en een aantal interessante dingen vertellen over de aanpak van zijn visserij en hoe hij het vissen in het algemeen beleeft. Ik heb Peter uitgenodigd en bij mij thuis hebben we toen met een notitieblok op tafel en een drankje in de hand tot diep in de nacht gekletst over zijn ideeën en over zijn merkwaardige avonturen aan de waterkant. |
|
|
De accu opladen |
|
|
Peter heeft een drukke en een stressvolle baan. Hij is namelijk de eigenaar van een drukke kapperszaak met meerdere filialen. Vroeger viste hij als hij zin had. Tegenwoordig heeft hij zoveel verantwoordelijkheden naar de firma toe èn ook naar zijn gezin, dat hij met zijn vrouw over zijn visserij een goede afspraak heeft gemaakt. Wat er ook gebeurt, iedereen weet dat hij één keer in de week een vaste avond of nacht voor zijn passie heeft gereserveerd. Meestal is dat de zondagavond. Het vissen op karpers is voor Peter een plezierige uitlaatklep, een vlucht uit de beslommeringen van alledag, of zoals hij het noemt 'een enorm oplaadgebeuren'. Hoewel Peter op de eerste plaats vist voor zijn plezier en geniet van de natuur en graag de vogels hoort fluiten, toch probeert hij altijd die wateren te bevissen waar een behoorlijke kans bestaat op vissen boven de 30 pond of hopelijk nog groter.
Hoe weinig hij ook vist, toch wil hij ergens in zijn kop het idee hebben, dat er altijd de mogelijkheid bestaat op een avontuurlijke verrassing. In die geest zoekt hij ook zijn wateren uit. Het liefst vermijdt hij de bekende wateren waar veel gevist wordt en waar de herrie heerst van waterrecreatie in de vorm jachten, waterskiërs, surfers of zwemmers. En als je zoals hij maar een paar uur kunt in de week, is het niet gemakkelijk om naar de drukbeviste wateren te gaan. De ellende komt daar vliegensvlug. Er zijn daar voor je het weet problemen met stekken, met dubbel voeren, met stekkenpezen en tevens roddels en achterklap. Daarbij komt dat Peter graag 'onbekende' grote vissen vangt. |
|
|
|
|
|
Peter met een fraaie spiegelkarper uit Kortenhoef.
|
|
|
|
|
|
In 1997 ving Peter redelijk goed. Door gebrek aan tijd, ik denk dat hij zo'n 150 - 200 uur per jaar vist, viel het niet mee om zijn water vlot te kennen. Hij vist graag alleen uit een boot op de ondiepe veenplassen in midden Nederland. |
|
|
Stekken |
|
|
Om begrijpelijke redenen noem ik het water even niet bij naam. In de zomermaanden knijpt hij er af en toe in de avonduren tussenuit om verkenningstochten te maken op zoek naar stekken. Door prima viservaringen uit het verleden is hij gek op plekken waar takken in het water liggen. Die zijn bijna altijd goed. Het probleem bij veenplassen is echter dat de bodem er meestal zo blubberig is. Volgens Peter zijn ideale stekken altijd te vinden bij vaste schoeiingen die begroeid zijn met planten en struiken. Daar hangen altijd takken in of over het water. Maar het allerbelangrijkste is de aanwezigheid van een stukje harde bodem, al is het maar enkele vierkante meters. Die stevige vaste schoeiingen dienen ter bescherming van de oevers en daar ligt altijd zand! Die plekken test Peter uit door er twee dagen van tevoren te voeren. |
|
|
Uitgerekende boilies |
|
|
De laatste jaren gebruikt hij uitsluitend boilies als voer. In het verleden heeft hij best wel vaak zijn voerplekken aangedikt met maïs, maar al geruime tijd heeft hij de gedachte dat die extra maïs geen meereffect oplevert. Ook praktisch gezien levert het voortdurend voeren met particles veel te veel last op. Je moet dat spul ruim op tijd in de week zetten, daarna koken en als het om de een of andere reden niet op tijd gebruikt wordt, loop je ineens te slepen met een emmer gistend vocht die een uur in de wind ruikt. Voor de geïnteresseerde karpervisser vlot het volgende. Zoals gezegd, vist Peter het liefste met boilies op plekken waar ze niet in de modder kunnen wegzakken. Voor wat betreft de boiliesamenstelling gelooft hij sterk dat gezonde voeding goed vangt. Daarom gebruikt Peter vooral eenvoudige ingrediënten als tarwemeel, maïsmeel, sojameel, kunstmelk en vismeel. |
|
|
Horror |
|
|
Peter is een doorzetter en laat zich niet gauw door een slechte weersverwachting tegenhouden. Hij gelooft niet zo in slechte of goede weertypes. Als er is gevoerd, zal er ook worden gevist, al onweert het als bezetene en regent het pijpenstelen. Ook heeft hij er nooit wat van gemerkt dat volle maan het bijten beïnvloedt. Nu we het trouwens toch hebben over een dergelijke weertype, schiet Peter ineens een luguber verhaal te binnen. Hij herinnert zich de sessie, precies de week voor zijn merkwaardige vangst. Het was een windstille avond en het water was zo glad als een spiegel en de heldere, ronde maan verdween regelmatig achter een wolk. Peter was eerst geschrokken van een uil, een oehoe, die onverwachts heel laag over hem heen kwam vliegen. De schemering was ingevallen en Peter bevond zich in zijn bootje ongeveer tien meter van de oever. Daar groeide allemaal kreupelhout en ook stond er een dikke bundel riet. Een tijd gebeurde er niets, maar plotseling klonk er een eng geluid. Takken kraakten en zelfs die dikke tak die in het water hing, bewoog! Golfjes ribbelden naar hem toe. Daar was iets, maar wat? |
|
|
|
|
|
Een schitterend zwarte karper van 34 pond.
|
|
|
Geintje |
|
|
Peters verhaal klinkt bijna ongeloofwaardig, maar ik geloof het zonder meer. Het deed me direct denken aan de merkwaardige gebeurtenis die ik zelf een keer meemaakte in 1989. Op een soortgelijke zomeravond zat ik te vissen op een braakliggend stuk terrein; het was bij het Uraniumkanaal te Utrecht. Ook toen was het pikdonker en zat ik al enkele uren te staren en te denken, stokstijf op mijn stoeltje. Ik herinner me het volgende als de dag van gisteren. Ineens, zomaar, zonder dat ik iemand achter me had horen komen aanlopen, greep iemand plotseling mijn hoofd met zijn volle hand. In de ruk waarmee ik me omdraaide, dacht ik nog 'geintje, die klootzak mag zijn vingernagels wel eens knippen'. Echter, tot mijn verbijstering zag ik niemand staan...? Ik dacht nog 'dat kan helemaal niet', maar merkte dat een donkere schaduw zich wiekend van mij verwijderde. Omhoogkijkend naar de zwarte met sterren bezaaide hemel zag ik de verklaring. Een enorme vogel, waarschijnlijk een uil, scheerde weg. En het engste was nog dat tijdens dit gehele incident er geen enkel geluidje was te horen.
|
|
|
De vangst |
|
|
Peter vertelt verder. De week nadat hij zo stilletjes was weggevaren, gebeurde het. Het was de zondagavond van 31 augustus 1997. Die hele dag had het gemiezerd en wederom viste Peter op dezelfde stek, dus vlakbij die eng krakende takken en dat riet. Na anderhalf uur vissen, het was nog licht, kreeg Peet een korte, venijnige tik op zijn hengeltop, waarop de swinger terugviel met een paar felle piepjes. Alert sloeg hij aan op iets dat direct het riet indook. Toch trok hij 'm er gemakkelijk weer uit, dat viel wel mee. De vis zwaaide naar het open water, waar een stevig gevecht volgde. Op een gegeven moment golfde er een zware V en kerfde er een pikzwart zeiltje als van een rugvin door het water! Ongelooflijk, net een haai. Nee, dat was vast een superzeelt. Toen het gevaarte dichterbij de boot kwam zwemmen, zag Peter duidelijk de contouren en de donkerbruine, goudkleurige buik. Toch een karper, maar een heel donkere! Zonder moeilijkheden belandde de karper in het net. Zo snel als mogelijk was, wilde Peter die rare vis bekijken. Het eerste wat hij dacht toen hij het net openspreidde was 'absoluut een dertiger, een polderkarper of zo'. De karper woog 34 pond bij een lengte van 91 centimeter. |
|
|
Het zwarte monster |
|
|
Peter draalde niet langer en heeft de vis snel in de bewaarzak gedaan en op een veilige plaats weggehangen. Hij is direct naar huis gesjeesd en heeft mij om half een 's nachts opgebeld met de opgewonden mededeling, dat ie weer een dertiger had gevangen, maar dat het helaas een hele donkere was. Hoewel hij heel erg blij was, werd zijn blijdschap enigszins getemperd door die rare kleur. Ik hoor 't Peter nog zeggen: "Iedereen vangt normale vissen, maar nu ik een mooie heb, is het een abnormale!" Door de telefoon begreep ik eigenlijk niet wat hij bedoelde, maar toen Peter die volgende ochtend de bewuste vis uit de bewaarzak haalde, ontwaarde ik geen donkere karper, maar een karper zo zwart als kolen! Onmiddellijk besefte ik het absoluut unieke en zeldzame van deze vangst. Dat vertelde ik hem ook:
"Peter je bent misschien wat teleurgesteld over de aparte kleur van deze vis, maar ik weet zeker dat dit een unicum is. Ik heb nog nooit, in geen enkel boek of blad een karper zo zwart gezien als deze. Je weet dat ik bezig ben met een boek over de zeldzame giganten van Nederland en veertigplussers komen echt heel sporadisch bij ons voor. Het Nederlands record zit op dit moment rond de 50 pond en in andere landen zwemmen nog grotere giganten, maar ik weet zeker dat die vis van jou ongelooflijk uniek is. Peter, neem het van mij aan dat je binnenkort de trotse vanger zal zijn van een vis waarover heel Nederland zal spreken. Werkelijk, het is een schoonheid, die elke karpervisser in Nederland en misschien wel uit Europa ontzettend graag zou willen vangen. Je was er niet opuit, je ving 'm per ongeluk, maar over een paar maanden heb ik tijd genoeg om een artikel schrijven voor 'Dé Karperwereld'. De titel weet ik al, het zal heten: 'Het zwarte monster'." |
|
|
Karpers Karpers Herkennen
|
|
 |
 |
 |
 |
 |
|
 |