|
|
|
Steve Troth |
|
|
Goede stekken |
|
|
Steve leerde ik kennen in het voorjaar van 1997, toen hij met drie kameraden op Nieuwkoop viste. Met dat groepje Engelsen correspondeerde ik geregeld en als ze Nieuwkoop weer onveilig kwamen maken, was ik steevast van harte welkom. Van mijn eigen visserij kwam dan even niets terecht, maar hun vriendelijke manier om van hun visgeheimen alles te vertellen en over wereldse dingen te praten, vergoedde veel. Snel bewonderde ik ook hun typische manier van vissen. Ze voerden nooit vooraf, want daar misten ze de tijd voor, maar ze vingen wél en niet zo'n klein beetje ook! |
|
|
|
|
|
Steve Troth, een kei van een visser met veel humor!
|
|
|
|
|
|
Tot mijn verbazing vingen ze vaak in twee weken tijd meer grote vissen dan waar een ander een gans jaar voor moest ploeteren! Dikwijls was ik in hun gezelschap aan de waterkant. Allen waren beste vissers, maar eerlijk gezegd spanden Steve's kwaliteiten voor mij de kroon. Bijna altijd ving hij meer... en losschieters, waar ik zelf nog wel eens last van heb, herinner ik me bij hem nauwelijks! Wat me ook opviel, was dat Steve altijd viste waar de karpers zaten. Maar derden beweerden dat Steve zijn successen vooral te danken had aan zijn goede stekken. Tja, zitten goede vissers niet altijd op goede stekken! Op slechte vang je toch niets? Om kort te gaan, in mei 1999 ving Steve wél de Oude Vis op 43 pond en diezelfde week ook nog een fraaie 36-ponder! Per e-mail ging dit interview. |
|
|
Waarom Nederland |
|
|
Evert: Waarom vis je in Nederland op karper?
Steve: Een vriend belde me op en vroeg me of ik met hem mee wilde gaan om in Holland op karper te gaan vissen. We hadden op dezelfde meren in Engeland gevist sinds het midden van de jaren zeventig en onze discussie leidde tot een uitstapje van een week in 1991. Mijn vaste vispartner was Mark Adams en dus werd het een feestje met z'n drieën. Met Mark ging ik al jaren op visvakantie, meestal op visten we op snoek in Schotland en verder bevisten we de riviertjes Avon en Throop. Na dat eerste tochtje in Holland, bleven we terugkomen. We konden gewoon niet wegblijven. De plassen waren ons vriendelijk gezind en ze verstrekten ons de eerste keren al mooie karpers. Mark en ik zijn altijd teruggekomen, minstens een of twee keer per jaar. De Nieuwkoopse Plassen maakten op ons een grote indruk. |
|
|
|
|
|
Echte Leneykarpers vangt Steve graag.
|
|
|
|
|
|
Evert: Waarom kom je steeds weer terug?
Steve : Vanwege het mooie en unieke, natuurlijke landschap en vooral voor die prachtige torpedovormige en hard vechtende karpers! Op 't eind van onze tweede tocht vingen Mark en ik een aantal karpers net onder de grens van 30 Engelse ponden. Ze deden ons erg denken aan die Galicische of Leney karpers bij ons in Engeland. We wisten hoe groot ze bij ons in Engeland konden worden, dus moesten er hier ook grotere karpers zijn dan die we al hadden gevangen. We haakten en verspeelden die eerste jaren ook enkele beesten. Vastbesloten wilden we ooit zo'n gigant landen en dus kwamen we terug om het opnieuw te proberen. Wie weet temden we er een! Over de geschiedenis van de uitgezette karpers wisten we toen niets, dat gebeurde pas vele jaren later.
Wat ons ook erg aantrok, was dat we weinig andere karpervissers zagen en die we zagen, visten ergens anders. In stilte en rust konden we schitterende karpers vangen en ook nog in een prachtige omgeving van schone zonsopkomsten- en ondergangen. De laatste jaren is dat echter veranderd. Er gingen meer en meer Hollanders op karpers vissen en steeds meer Europeanen kwamen naar Holland toe. Maar gelukkig gingen de meeste vissers naar Frankrijk om daar een gooi te doen naar een Franse monsterkarper. Oh, en de pijpjes Heineken waren in Holland veel goedkoper dan in Engeland! De Hollanders waren altijd vriendelijk en verwelkomden ons, ondanks onze onbekwaamheid om meer dan een enkel Hollands woordje uit te spreken! |
|
|
Andere wateren? |
|
|
Evert: Heb je nog andere wateren in Nederland bevist?
Steve: Enkele wateren hebben we geprobeerd, maar ze hebben voor ons niet dezelfde magie als Nieuwkoop. D'r zijn zoveel wateren, zoveel plaatsen om te proberen met zoveel potentie en we hebben zo weinig tijd als we in Holland zijn. Ik denk als mijn familie eind jaren tachtig naar Holland was verhuisd, toen mijn vader voor zijn baan moest kiezen of hij wel of niet naar Holland ging, dan zou alles anders zijn geweest. We hebben ongeveer twee weken per jaar de tijd om in Holland te vissen, daarom doen we er alles voor om er zoveel mogelijk van te maken. |
|
|
Steve's aanpak |
|
|
In mei 1999 verschalkte Steve op Nieuwkoop de Oude Vis op 44 pond!
|
|
|
|
|
|
Evert: Wat is je visbenadering in Holland?
Steve: Hoe lang is dit interview? Ik kan dat alleen voor mezelf beantwoorden, want alle vijf (Evert: Mark, Steve, Keith, Simon, John) hebben we een verschillend uitgangspunt voor de beste benadering. Mijn persoonlijke benadering is: eerst probeer ik om één karper te vangen en als ik die heb, probeer ik de tweede te vangen en dan de derde, enzovoort. Tijd is beperkt en dus is het vangen van karpers het doel. Alles hou ik simpel, dat er niets in de war raakt en dat alles zo efficiënt mogelijk is. Mijn doel is om iedere run te verzilveren in een vis in het net. De vis dient te worden onthaakt, gewogen en met zorg te worden teruggezet met de minste vertraging. De vis is het belangrijkste dat er is. Als de haak muurvast zit, knip ik de haak met een draadtang doormidden en verwijder vervolgens de punt en de bocht in de wijsrichting. Zo vermijd ik de beschadiging van de vis z'n bek. Een ander punt is, dat voorkomen moet worden dat zware loden te ver in de bodem wegzakken en het haakaas meesleuren in de vuiligheid. |
|
|
Rigs |
|
|
Evert: Vertel eens wat over je rigs?
Steve: Ik gebruik 40-65 gram lood en 2 mm anti-tangle tube voor zachte bodems. Verder gebruik ik extra lange onderlijnen, tot wel 65 cm toe! Die combineer ik met de snowmanpresentatie, dat is een dubbele boilie op de hair, waarvan die tegen de haak zinkt en de andere drijft. Daardoor ben ik ervan verzekerd, dat het aas niet ten ondergaat in zachte bodems. Voor mijn gevoel is de snowmanrig daarom zo effectief, omdat ie bovenop de modder zit en op 't vuil. Het feit dat ie nog net zinkt, vangt onverhoeds de vissen. Als deze rig wordt opgeslokt, verdwijnt ie heel gemakkelijk in hun keel, vergeleken met de gewone boilies op de bodem. Nog iets, de hoofdlijn die dient schuurvast te zijn om te bewerkstelligen, dat je een gehaakte karper niet verspeeld door lijnbreuk bij lelies of takken, waar mossels aangehecht kunnen zitten. Ik overdenk eerst waar ik een aanbeet kan krijgen, vervolgens maak ik een plan wat te doen als ik de vis ga landen en pas dan plaats ik mijn haakaas in de buurt van obstakels. |
|
|
Van vis tot vis |
|
|
Evert: Je zegt altijd dat je vist van 'vis naar vis'. Hebberige karpervissers denken volgens jou te vaak al aan de derde of de vierde karper, maar kunnen de eerste nog niet vangen. Leg dat eens uit. Steve: Ik gebruik slechts enkele, zeg 5 tot 25 boilies, tijdens het vissen. Dat is voldoende om één vis te interesseren, maar wel zo weinig dat ik een gerede kans heb, dat die vis een fout maakt met het haakaas. Je kunt er altijd meer aas ingooien, maar je kunt het er nooit meer uithalen! Vaak krijg je één of twee kansen wanneer de schemering invalt en de nevel de dag wegneemt. Deze benadering is gebaseerd op mijn beperkte tijd. Wanneer je het voordeel hebt van meer tijd dan is voor jouw (Evert) 'twee dagen voeren' veel te zeggen. Vaak probeer ik wél over meerdere dagen een stek op te bouwen, maar terwijl ik vis! Ik wil elke dag vangen en daarom denk ik, dat eerst zwaar voeren niet zo goed werkt als steeds een beetje voer erin na elke vis. Wedstrijdvissers weten erg veel van azende vissen en ik geloof dan ook, dat karpervissers een boel van ze kunnen leren over de technische aspecten van het onderhouden van stekken, eh Evert?
Evert: Wat zijn volgens jou de kleine dingetjes die het verschil uitmaken? Steve: Voor elke inworp controleer ik altijd de laatste 20 meter van mijn hoofdlijn op rafelingen en ook de toestand van de haakpunt. Ik zal de onderlijn veranderen als ik geloof dat er iets niet klopt, ook al zie ik niet waarom! Ook geef ik er de voorkeur aan om een onderlijn te veranderen, eerder dan de haak te scherpen, omdat een nieuwe haak dikwijls toch scherper is dan een gevijlde. Vaak verwijder ik enkele meters van de hoofdlijn na een vis, vooral als ie in de buurt geweest is van lelies of takken. Altijd heb ik kant en klare onderlijnen gereed liggen, zo kan ik een rig razendsnel vervangen. Ze zijn ook al beaasd en uitgebalanceerd als ik vis met een pop-up of een snowman-presentatie. Veel vissers doen het niet, maar een trucje om het haakaas uitstekend te balanceren is, om stukjes foam te schuiven op de hair tussen de boilies en door die stukjes af te knippen kun je de juiste balans bepalen van de pop-up of snowmanrig. Die 'finetuning' is sneller en beter dan andere boilie- of haakmaten te gebruiken. Nog iets, in troebel water helpt een heldere boilie de vis om het haakaas eerder te lokaliseren, ook een sterke reuk doet dat. De vis vindt dikwijls vlugger een gedipte en zwaar met flavours doordrenkt haakaas dan de vrijliggende boilies. |
|
|
|
|
|
Voorzichtig zet Steve de Oude Vis weer terug.
|
|
|
|
|
|
Evert: Wat zijn volgens jou de kleine dingetjes die het verschil uitmaken?
Steve: Voor elke inworp controleer ik altijd de laatste 20 meter van mijn hoofdlijn op rafelingen en ook de toestand van de haakpunt. Ik zal de onderlijn veranderen als ik geloof dat er iets niet klopt, ook al zie ik niet waarom! Ook geef ik er de voorkeur aan om een onderlijn te veranderen, eerder dan de haak te scherpen, omdat een nieuwe haak dikwijls toch scherper is dan een gevijlde. Vaak verwijder ik enkele meters van de hoofdlijn na een vis, vooral als ie in de buurt geweest is van lelies of takken. Altijd heb ik kant en klare onderlijnen gereed liggen, zo kan ik een rig razendsnel vervangen.
Ze zijn ook al beaasd en uitgebalanceerd als ik vis met een pop-up of een snowman-presentatie. Veel vissers doen het niet, maar een trucje om het haakaas uitstekend te balanceren is, om stukjes foam te schuiven op de hair tussen de boilies en door die stukjes af te knippen kun je de juiste balans bepalen van de pop-up of snowmanrig. Die 'finetuning' is sneller en beter dan andere boilie- of haakmaten te gebruiken. Nog iets, in troebel water helpt een heldere boilie de vis om het haakaas eerder te lokaliseren, ook een sterke reuk doet dat. De vis vindt dikwijls vlugger een gedipte en zwaar met flavours doordrenkt haakaas dan de vrijliggende boilies. |
|
|
Driltechniek |
|
|
Evert: Is de dril erg belangrijk?
Steve: Zeker, als ik een karper dril, probeer ik 'm daarheen te dwingen waar ik hem graag wil hebben. Door de hoek van de hengel te veranderen, kun je hem leiden. Door de hengeltop zo ver mogelijk onder water te steken, kun je zijn balans naar zijn neus verplaatsen, dan zal hij als het ware over de kop heengaan. Dat maakt een groot verschil als je gewoon je hengel naar je toetrekt, dus in het verlengde van de lijn. Door op tijd de balans van de vis te verstoren, win je vitale meters, wat belangrijk is als je weet dat er obstakels onder water zijn, als palen, takken of stronken. Al die kleine dingetjes tezamen kunnen je vistijd zoveel meer effectief maken. Moet je eens overwegen hoelang het eigenlijk duurt voor je een andere rig geknoopt hebt aan de waterkant, vergeleken met de simpele bevestiging van een kant en klare rig aan de wartel! Mijn mening is dat als de vis eindelijk op je stek arriveert, je er vaak verschillende kunt vangen in een korte aasperiode van stel één uur! Dat gaat natuurlijk niet als je bezig bent om een nieuwe rig te knopen met koude vingers in de schemering. Is het niet raar om een lange tijd te wachten op een aanbeet en zo'n vis te verspelen, omdat je de haakpunt niet hebt nagekeken of de laatste meters van de lijn? Of aan het eind van je vissessie in te draaien en je ineens te realiseren, dat dat piepje van uren geleden veroorzaakt werd, omdat je rig in de war lag door de uitgooi en de vis zich nooit kon prikken! |
|
|
Minder leuk |
|
|
Evert: Tot slot, wat vindt je minder leuk aan het karpervissen in Nederland?
Steve: Een paar dingen, allereerst die verschrikkelijk rietvliegjes of zoals jullie ze noemen die meurzen of knutten en dan die muggen. Zonder bescherming is het er in Nieuwkoop vaak niet om uit te houden. Dan vind ik het ergerlijk om karpers te vangen, die beschadigd zijn door vissers of door boten die door ondiep water zijn gevaren. Verder weerhoudt jullie land me ervan om in Engeland op karper te vissen. Ik neig ertoe om al mijn vakanties op te souperen aan die visserij in Holland. Trouwens ik weiger ook me te begeven onder de menigtes die elk weekend de Engelse watertjes bevolken. En als ik een vis verspeel en het blijkt dat ik het vermijden kon en het dus mijn eigen schuld is. En dat ik een heel jaar lang in Engeland moet werken en niet zes maanden vrij heb om in Holland te mogen vissen.
Steve, bedankt voor je bereidwillige medewerking. |
|
|
Intervieuws Bichem Boedhoe
|
|
 |
 |
 |
 |
 |
|
 |